Een middag met Theo in de schijnwerpers
Ze hebben geen oog voor wat woensdagmiddag aan de overkant van de straat gebeurt. Even over half twee draait een zwart Mercedes busje het parkeerterrein van het trainingscomplex van Vitesse op. Het stalen hek, zwart en met een Vitesse-logo in de constructie, zwaait open. Naast de oprit naar de ingang van het hoofdgebouw staan drie cameramannen en één cameravrouw. De cameralenzen worden op de bus gericht.
Life ain't no pec-nec
Voordat de Mercedes arriveerde, legde persvoorlichtster Ester Bal van Vitesse uit waarom de mannen en vrouwen buiten stonden op deze frisse herfstdag. "Dit is even voor de televisie. Theo gaat zo naar binnen."
Met Theo bedoelde ze Theo Janssen (32). Hij stapt, als de chauffeur gehuld in een zwart pak, witte blouse en met zwarte stropdas om de motor uitzet, uit het busje. Hij geeft een kruk aan de Vitesse-speler. Vanaf de tribune kijken een vier journalisten toe. Eén van hen maakt de vergelijking met een lijkwagen. Het ontbreken van zeearend Hertog II bij de entree stemt sommigen somber. "Dit is wel typisch Vitesse", wordt gezegd.
Ruim een uur na zijn opvallende aankomst moet Janssen, zittend op een grijze bank in de lunchruimte van het trainingscomplex van Vitesse, lachen als de opmerking over de zogenaamde lijkwagen ter sprake komt. "Ik vind het eigenlijk wel een mooi bussie. Een wagen van Merab Jordania", zegt de Arnhemmer tegen Goal.
Zeearend Hertog II ontbreekt niet helemaal vanmiddag. Op het gele t-shirt van Janssen staat de huisvogel van Vitesse afgebeeld. Met gekromde poten opmakend om een konijntje, rood-groen-zwart gekleurd, aan te vallen. Een knipoog naar de kleuren van rivaal NEC. Op de achterkant van het shirt is onder het leren jack van Janssen, net boven de kontzakken, de tekst 'Life ain't no pec-nec' te zien.
Het shirt is ontworpen door een bekende van Janssen. Dat blijkt na afloop van één van de vijf interviews die hij geeft voor de camera's. Die waren opgesteld op de promenade van de tribune grenzend aan het hoofdveld van het trainingscomplex. "Ik weet niet hoe duur 'ie is, maar de verkoopprijs zal nu vast omhoog schieten", zegt Janssen.
"Daar? Waar is daar?"
De twee glazenwassers gooien aan de overkant van de straat hun emmers water leeg bij een put. Janssen heeft de interviews met Fox Sports (tegen wie hij met een strak gezicht zegt het WK waarschijnlijk net niet te halen), de NOS en Omroep Gelderland zittend op een stoel gedaan. Een verslaggever van SBS6' Hart van Nederland vroeg Janssen te staan bij het interview. Ze hadden het over een 'Janssen-vloek'. Omdat Willem Janssen en Kevin Jansen geblesseerd zijn en dezelfde achternaam hebben. Theo gelooft niet in een vloek.
"Waar? Hier? Daar? Waar is daar? Deze stoel?", vraagt Janssen aan een verslaggever van De Telegraaf, in gezelschap van een cameraman. Ze bereiken een akkoord over de plek waar het interview plaatsvindt. Het is voor Janssen het laatste interview van vanmiddag voor een camera. Na een paar minuten loopt hij rustig de drie treden op richting de koffiekamer. Eén voor één.
"Even de knie loslopen voor vanavond", zegt Janssen. "Alleen maar goed." De planning was om 's avonds naar het concert van Anouk in de GelreDome te gaan. Dat ging niet door. Anouk heeft stembandproblemen. Die van Janssen blijken sterk genoeg om ook interviews te geven aan journalisten van de schrijvende pers.
"Eerst een korte pauze?", vraagt Janssen aan Ester Bal: "Doe gerust wat je wil doen", zegt ze. "Alleen geen foto's maken of de camera's erop zetten jongens", vervolgt de persvoorlichtster van Vitesse. Janssen: "Ach iedereen weet het nu toch wel." Hij steekt net als een drie journalisten een sigaret op en praat even met ze.
In de koffiekamer, direct aan de promenade, vertelt Ester Bal dat niet alle aangemelde media zijn gekomen op de persdag rond Janssen. "Gelukkig is PowNed er niet", vertelt een man met wit haar en een bril zittend aan tafel. Pauw & Witteman hadden volgens Bal geïnformeerd naar de mogelijkheid om Janssen aan tafel te krijgen. "Dat doen we nu niet, misschien in januari. Als het rustiger is." Johnny de Mol had een idee om de geblesseerde Janssen tijdens een uitstapje op te vrolijken, voor de lens van de camera. Dat gaat niet door.
Janssen, inmiddels ook in de koffiekamer ziet dat het gezicht van een journalist van De Gelderlander wat moeilijk kijkt. Het wordt snel duidelijk dat de koffie niet smaakt. Janssen kijkt in het witte plastic bekertje. "Waterige cappuccino. De koffiebeunen zijn op", zegt hij tegen Ester Bal. Ze meldt dat ze het gaat regelen.
Geen voetbalkluizenaar
Op de achtergrond klinkt Love Supreme van Robbie Williams als Janssen, na een gesprek met Vitesse-radio naar een grijze bank wijst. Daar wil hij zitten. Er is verder niemand in de luxueuze kantine van Vitesse. Het grote televisiescherm aan de muur staat op zwart. Het witte balletje van de voetbaltafel ligt niet tussen de poppetjes aan de stangen. De tafels en stoelen zijn leeg. De teamgenoten van Janssen zijn vrij vanmiddag.
De setting is geen voorbode voor de revalidatietijd. Janssen is niet iemand die zes tot negen maanden, de tijd dat hij moet herstellen van de knieopeatie, als een kluizenaar zal leven. "Sommigen vinden het moeilijk om andere jongens te zien voetballen, terwijl je dat zelf niet kunt. Zij zonderen zich af en trainen op andere tijden. Mijn bedoeling is om regelmatig op dezelfde tijden als de groep te trainen en mee te eten. Dat heb ik twee dagen na mijn operatie ook gedaan. Ik sluit mezelf zeker niet af en blijf dicht bij de groep dit seizoen."
Janssen hoeft zich niet alleen te voelen. Van bekenden en onbekenden krijgt hij steun. "Belletjes, sms'jes en bloemen. Ik kreeg op een gegeven moment zóveel dat ik weleens dacht: kom op jongens. We moeten het niet erger maken dan het is. Ik ben geblesseerd en het is voor mij even zwaar en moeilijk. Maar verder ben ik kerngezond. Ik red me wel. Al wordt mijn knie nu wel een beetje stijf." Een lach. Hij verschuift zijn been.
"Blijkbaar toch interessant"
De media-aandacht verraste hem. "Ik ben verbaasd dat er vanmiddag zoveel pers is. Ik ben namelijk niet de enige speler met zo'n blessure. Vooral niet de laatste tijd. Het doet mij wel goed. Blijkbaar is het toch interessant genoeg om hier te langs te komen. Ik wilde alle pers in één keer doen. Daarna even niet meer. Dat had ik met Ester afgesproken. Dat iedereen vandaag komt is voor mij ideaal. Als ik dit wekelijks zou moeten doen is dat heel irritant, maar nu is het op één dag. Dan weet je dat het daarna klaar is. Dan is het voor mij geen probleem. Ik kan me volledig richten op mijn revalidatie. Dat is voor mij het belangrijkste."
Mens Erger Je Niet
Binnenkort wil Janssen vanaf zijn huis naar Papendal fietsen. Als onderdeel van de revalidatie. 45 minuten heen, 45 minuten terug. "Maar voorlopig is het veel rusten. Ik werk relatief korte dagen. Rekken, strekken en fietsen. Grote stukken lopen lukt nog niet. Als ik naar buiten wil heb ik de krukken nodig. Eén verkeerde stap en ik kan door de knie zakken. Lopen gaat niet vanzelf en ik mag nog geen auto rijden Als ik niet op de club ben, ben ik aan huis gebonden. Ik ben vaak met mijn dochter thuis. We doen dan spelletjes. Niet alleen op de computer. Ook ouderwetse bordspelletjes, zoals Wie ben ik? en Mens Erger Je Niet. Dat soort werk."
De woorden van Janssen vullen samen met de klanken van Born in the USA van Bruce Springsteen, vanuit de boxen, de loungeruimte. Ester Bal zegt dat Janssen kan blijven zitten voor journalisten van de Gelderlander, het Algemeen Dagblad en Voetbal International. De laatste keer dat Janssen vragen zal beantwoorden over zijn blessure en toekomst. De koffieautomaat blijkt nog steeds waterige versies van cappuccino's te maken.
Buiten lopen de glazenwassers aan de overkant van het Vitesse-complex richting hun witte bestelwagen. De emmers en ladders worden achterin de auto geladen. De werkdag zit erop. Op de hoek van de straat staat een jongen in een trainingspak, steunend op krukken bij de bushalte. Geen draaiende camera's voor hem op de dag van Theo Janssen. Wel steun van Epke Zonderland. De turner steekt zijn duim op. Op een billboard.