25 november 2012 In de media

Jonathan Reis. Afgekickt en opgeleefd

Na zware operaties is Vitesse-spits Jonathan Reis weer fit en clean. Zondag wacht zijn oude club: PSV.
Vitesse-spits Jonathan Reis zal niet juichen als hij zondag scoort tegen zijn oude club PSV. ‘Alleen Marcel Brands zag het niet in me zitten.’ De 23-jarige Braziliaan overwon een cocaïneverslaving en twee kruisbandoperaties. ‘Drugs zijn als water in de favela’s, een eerste levensbehoefte.’

Alsof Jonathan Reis zijn hang naar zelfdestructie heeft willen bezweren, illustreren de vele tatoeages op zijn li-chaam de zekerheden in zijn leven. Zij n vingers wandelen door een kleine tentoonstelling. ‘Mijn zoon staat op mijn rug. De geboortedatum van mijn zoon staat op mijn arm. Verder staat er nog ‘vertrouwen in God’, ‘Jezus’, ‘altijd met God’ en ‘familie’. En hier op mijn arm: ‘Ik vermag alles, in Hem die me kracht geeft.’

Tegenover ons in het restaurant naast sportcentrum Papendal zit een jonge vader van 23 jaar, die een cocaïneverslaving overwon en na een ‘medisch wonder’ van twee kruisbandoperaties vorig jaar terugkeerde op het voetbalveld. Dankbaar pakt de Braziliaanse aanvaller van Vitesse de hand vast van de verslaggever, met wie hij zijn gevoelens in zijn moedertaal kan delen. Soms knikt Reis instemmend na een vraag in het Nederlands, om antwoord te geven in het Portugees.

Zijn rechterknie houdt zich goed, zegt Reis. ‘Ik heb er weer vertrouwen in. Het voelt als een tweede knie. Die. knie kan ook optimaal worden belast. Twee wedstrijden in een week zijn geen probleem. Soms ben ik nog bang voor mijn knie. Als de keeper uit zijn doel komt na een hoge voorzet, moet ik dat duel aangaan. Maar dat durf ik nog niet altijd.’

Op 19 december 2010 kwam Reis als spits van PSV in botsing met de toen-malige Roda JC-keeper Tyton. Zijn rechterknie lag in puin, twee kruisbanden en de mediale band waren afgescheurd. ‘De pijn was afschuwelijk, maar ik heb nooit gedacht dat mijn carrière voorbij was’, aldus Reis. ‘Het is voor mij veel zwaarder geweest om van de drugs af te kicken. Met die blessure kon ik gemakkelijker omgaan.

‘Nu durf ikzelfs de beelden van die botsing terug te zien. In het begin kon ik dat niet aan.’ En lachend: ‘Nu kan ik erover zeggen: het ziet er lelijk uit. Ik moest opnieuw over. Mensen dachten: die jongen gaat het nooit redden. Daar is hij niet sterk genoeg voor. Maar ik heb een zoon en voor hem doe ik alles. Het was zwaar. Ik ben dubbel beproefd, maar ik ben er ook als mens doorgegroeid.’

Zie je jezelf als een vechter?
‘Hmm… niet echt. Maar mijn hoofd heeft dit wel aangekund.’ En spontaan: ‘Marcel Brands heeft niet in mij geloofd.’

Zondag staat Reis met Vitesse voor de tweede keer dit jaar in Eindhoven te-genover PSV, de club die hem in Brazilië hielp om van zijn drugsverslaving af te komen en zijn revalidatie grotendeels financierde. Technisch directeur Marcel Brands uitte daarom vorig jaar zijn teleurstelling over het vertrek van Reis. Met een hels fluitconcert begroette de PSV-aanhang de ‘deserteur’ in januari. Het deed hem niets.

Reis: ‘PSV zit in mijn hart. Als ik zondag voor Vitesse scoor, zal ik dat doelpunt niet vieren. Ik juich niet uit respectvoor de PSV-supporters. Zij weten de waarheid niet over mijn vertrek en dat kan ik ze niet kwalijk nemen. Bij PSV dachten ze dat ik na die kruisbandoperaties niet meer op mijn oude niveau zou terugkomen.

‘Vitesse gaf me het vertrouwen dat PSV niet in me had. Die club betaalde het meest aan mijn behandeling, maar deed me in de zomer van 2011 geen nieuwe aanbieding. Enkele mensen die later bij PSV waren gekomen, zagen het niet in mij zitten.’

Wie waren dat?
‘Marcel Brands had geen vertrouwen in mij. Ik denk dat algemeen directeur Tiny Sanders wel wilde dat ik bleef. Maar ik weet het niet zeker. Met niemand eigenlijk. Hij werkt natuur-lijk wel samen met Brands. Alleen Fred Rutten geloofde onvoorwaardelijk in mij. Daarom ben ik ook zo blij dat hij nu mijn trainer bij Vitesse is.

‘Rutten is als een vader voor jonge spelers. Hij kan zich in hen verplaatsen. Rutten probeert zich voor te stellen watje doormaakt als je jong bent en in een ander land komt te spelen, zoals ik. Hij hielp me om terug te keren bij PSVna mijn verslaving. Rutten praat geen bullshit, hij lult er niet omheen. Zo iemand heb ik nodig.’

‘Rutten weet precies wat er is gebeurd. Wat ik allemaal heb doorgemaakt, hoe ik ervoor heb moeten knokken om terug te komen. Dat kun je van Brands niet zeggen. Hij kon zich dat allemaal niet voorstellen. Ik wilde juist bij PSV blijven na mijn blessure. Brands dacht er anders over. Voor hem was het kennelijk genoeg geweest.’

Brands stelde terecht dat PSV alles voor je heeft gedaan.
‘Hij heeft allerlei dingen over me gezegd toen ik weg was. Maar niemand weet wat er werkelijk is gebeurd. Dat PSV mijn salaris niet meer heeft betaald, bijvoorbeeld. Dat is nooit bekend geworden. Mij n contract liep af. Brands heeft mij in de zomer van 2011 in Brazilië laten zitten, ik hoorde niets van hem. Ik had geen idee wat ik moest doen.

‘Het was duidelijk dat Brands me had afgeschreven. Hij was gelukkig de enige. Rutten bleef me steunen. Ook mijn Braziliaanse zaakwaarnemer Renato Moura heeft alles voor me gegeven. PSV wilde mijn fysiotherapeut en personal coach Eduardo Santos niet betalen. Bij Vitesse maakt hij onderdeel uit van de medische staf.’

En weer lachend: ‘Eduardo is de Messi van de fysiotherapeuten. We trainen nog steeds samen en hij laat me hard werken.’

Hij leeft in Nederland als een topsporter, zegt Reis. ‘Ik heb geleerd dat ik zuinig moet zijn op mijn lichaam.’ Hoe anders was dat in Nova Contagem, een van de sloppenwijken in de stad Contagem in de Braziliaanse staat Belo Horizonte. In de favela’s vormen drugs en criminaliteit een onlosmakelijk onderdeel van het leven.

Reis, wijzend op het glas voor hem: ‘Drugs zijn als water in de sloppenwijken, een eerste levensbehoefte. Mijn vader gebruikt nog steeds. Hij is fysiek gesloopt door de crack. Het kost 2 a 3 euro en dan ben je even van de wereld. Ik zal het nooit begrijpen. Het is zulk slecht spul.

‘De kinderen voetbalden en probeerden het leven te omarmen waar het kon. Het is in een favela moeilijk in leven te blijven. Voetbal gaf wat afleiding.’ Reis, glimlachend: ‘Ik ben zelfs kampioen geweest in Nova Con- tagem. Ook als kind wilde ik alleen doelpunten maken.’

Verviel je eind 2009, toen je in Brazilië voor FC Tupi speelde, in je oude leven?
‘Dat niet. Maar ik was er mentaal slecht aan toe in die tijd. Ik kon niet meer normaal denken. Ik voelde me zwak en drugs zijn in Brazilië altijd dichtbij.’

Je hebt letterlijk het verschil gezien tussen leven en dood gezien in de sloppenwijken, toen een vriend naast je werd doodgeschoten. Was dat een keerpunt voor je?
‘Die moord heeft me inderdaad doen inzien dat het genoeg was, dat ik moest stoppen met alle slechte dingen om niet te eindigen als hij.’

PSV stelde je voor dë keuze: afkicken of ontslag. Je accepteerde ontslag, omdat je jouw drugsprobleem zelf wilde oplossen.
‘Het klinkt gek. Je moet je voorstellen, zo’n drugskliniek probeert je te laten inzien wat je doet. Ze leren je het probleem onder controle te krijgen. Om weer aan het leven te denken, om hard te werken. Een kliniek doet goed werk, maar ze gaan daar niet voor jou beslissen dat je moet stoppen met drugs.

‘Het is je eigen keuze. Pas toen ik die keuze zelf had gemaakt, stond ik ervoor open. Ik besefte dat het een kwestie was van leven of dood. Toen ging ik afkicken in Brazilië. Met dank aan mijn zoon en het voetbal. En het leven in Nederland, dat mag ik allemaal niet vergeten.’

Je zei: ik wil de vader zijn die ik zelf nooit had. Ben je een goede vader?
‘Ik probeer het te leren. Dankzij God lukt het me. Ik werk er hard aan om mijn zoon een goed bestaan te bieden. Koken kan ik niet.’ Weer lachend: ‘Dat doet mijn vrouw. We zijn altijd samen. Altijd.’

Kent jouw zoon Caique zijn verslaafde opa?
‘Nee. Ik ga het niet uit de weg, misschien leert Caique mijn vader ooit nog kennen. Dan zal ik de waarheid met hem delen. Als het ooit kan, gaan we zijn opa bezoeken. Maar nu niet.’

Je vader wil immers niet veranderen.
‘Precies.’

Ben je niet bang dat hij nog eens wordt doodgeschoten of aan de crack bezwijkt?
‘Daar ben ik voortdurend bang voor. Veel van mijn ooms zijn dood. Mijn ouders leven nog. Ik heb niet veel con-tact met ze, maar dat weet i k zeker. Ik ben wel eens teruggeweest in Nova Contagem. Maar het is moeilijk te zien hoe het daar is, het is te confronterend. Die drugs zijn levensgevaarlijk, maar mijn vader wil niet anders.’

Het heeft jou niet geholpen dat PSV je als jochie van 17 jaar zonder toezicht in een flatje zette.
‘Het was een rare gewaarwording. Plotseling zat ik helemaal alleen in een ander land. Ik miste structuur, de familie, zoals ik in Brazilië gewend was. Ik had ook geen voorbeeld hoe het wel moest.

Mijn zaakwaarnemer heeft me veel geholpen en de toenmalige perschef Pedro Salazar begeleidde de latino’s bij PSV. Maar ik was veel alleen thuis, ik werd er depressief van. En wat doe je als jonge jongen? je zoekt vertier.

‘Met mijn hoofd was ik in Brazilië, omdat ik de Nederlandse cultuur niet begreep. Zo snapte ik niet waarom Nederlanders zo serieus zijn. Een groot verschil is ook dat iedereen in Brazilië zijn rotzooi op straat gooit. Dat is normaal bij ons. Hier doet niemand dat. In Nederland staat iedereen bij het oversteken keurig te wachten tot het verkeerslicht op groen springt. Dat heb ik echt moeten leren. En toch ben ik jullie Nederlanders dankbaar dat ik het leven heb leren begrijpen.’

Jouw gezin geeft nu structuur aan je leven?
‘Precies. En die heb ik heel hard nodig. Alle jonge voetballers zoeken structuur wanneer ze in een ander land gaan spelen. Ze wisten dat niet bij PSV. Dat kan ik ook wel begrijpen.’ Opnieuw lacht Reis zijn beugel bloot: ‘Ik ben eindelijk gewend aan Nederland. Ik koop gewoon wat warmere kleding.’

Toch beleefde je twee jaar geleden nog een terugval, toen je met een te hoog promillage alcohol achter het stuur werd betrapt. In december wordt de strafmaat bepaald.
‘Ik drink niet meer. Niets. Dat is de beste reden om mij te geloven, al moet iedereen dat zelf weten. Maar zoiets gaat nooit meer gebeuren.’

Waarom ben je toen dronken achter het stuur gekropen?
‘Ik was gedeprimeerd omdat mijn familie niet dicht bij me in de buurt was. En ik wilde geen drugs gebruiken, dus nam ik alcohol. Zo is het gebeurd. Ik heb ervan geleerd. Drugs gebruikte ik alleen in Brazilië, niet in Nederland.’

Amsterdam heeft anders genoeg coffeeshops.
‘Wiet? Nee. Ik hou niet van marihuana. Ik heb de drugs verbannen uit mijn leven.’

Is Nederland een veilige omgeving voor je?
‘Zeker. En ook voor mijn zoontje om op te groeien. Er is geen beter land denkbaar. Caique kan al goedemor-gen zeggen in het Nederlands.’

Je zou een boek of een film over je leven kunnen maken.
‘Ik heb er wel eens aan gedacht. Ik heb fouten gemaakt, dat weet ik. Er is terecht geconstateerd dat ik zwak in mijn hoofd ben geweest. Nu wil ik mijn verhaal op een positieve manier laten eindigen. Ik hoop dat mensen aan het einde van mijn carrière zeggen: die jongen heeft alles meege-maakt in zijn leven. Maar het is goed afgelopen met hem.’

CV Jonathan Reis
1989 6 juni geboren in Contagem, Brazilië.
2007 Maakt de overstap naar PSV. 2009 Wordt na een conflict verhuurd aan de Braziliaanse club FCTupi.
2009 In mei wordt zijn zoon Caique geboren.
2009-2010 Onder Fred Rutten krijgt hij de kans zich te bewijzen.
2010 Wordt op 24 januari ontslagen wegens cocaïnegebruik.
2010 Krijgt opnieuw een kans.
2010 Scheurt op 19 december zijn kruisbanden in de wedstrijd tegen RodaJC.
2011 Tekent een contract voor Vitesse.

Volkskrant / Foto’s SV

Hoofdsponsor: