Van Ginkel treft oude bekende
Zo kun je Marco van Ginkel (20) nu niet meer noemen. De wat iele jongen die op zijn zeventiende debuteerde voor de Arnhemse club, is drie jaar later een beresterke middenvelder. Tijdens het jeugd-EK is Van Ginkel de revelatie bij Jong Oranje, dat zaterdag strijdt om een plek in de finale.
Zijn naam wordt al weken in verband gebracht met een transfer naar Chelsea. Hij zou al op bezoek zijn geweest in Londen en een telefoongesprek hebben gevoerd met José Mourinho. Van Ginkel wil er in Tel Aviv niet op ingaan, maar vreemd kun je de belangstelling van de Engelse grootmacht niet noemen. Niet alleen omdat Van Ginkel bij de grootste talenten van Nederland hoort, maar vooral ook door zijn karakter.
Clubs kijken verder dan alleen de voetballende kwaliteiten van een speler. Wat dat betreft is Van Ginkel de ideale voetballer voor een club en trainer. Geen kapsones, geen nare trekjes, een allemansvriend binnen een selectie en een winnaar met mogelijkheden.
„Ik wil altijd spelen en altijd winnen”, zei hij al na de wedstrijd tegen Spanje. Van Ginkel moest negentig minuten vanaf de bank toekijken, omdat de basiself rust kreeg. „Ik zat me echt op te vreten langs de kant. Maar ik ben niet iemand die dan moeilijk gaat doen. De trainer beslist en daar heb je je dan bij neer te leggen.”
Misschien blijkt zaterdag dat het opstellen van een B-ploeg de juiste keuze te zijn geweest. „Ik heb het er voor de wedstrijd met de fysioloog en de fysiotherapeuten over gehad”, zegt Van Ginkel de volgende ochtend op het strand. „Je luistert naar de mensen die er verstand van hebben.
Als zij zeggen dat het beter is om rust te pakken, dan neem ik dat aan. Drie wedstrijden binnen zes dagen is best pittig. In de eerste minuten tegen Rusland voelde ik zondag toch dat ik even moest omschakelen. Daarna ging het eigenlijk weer gewoon op de automatische piloot. En dan houd ik het wel vol.”
Hij zegt het met een knipoog, want het loopwonder heeft op die paar kleine pijntjes na weinig fysieke klachten. Tegen Italië wil hij de draad weer oppakken, meters maken en zo een tegenstander kapot spelen. „Italië heeft vooral voorin een paar kleine, gevaarlijke spelers rondlopen. Vorig jaar werden we in Leeuwarden tijdens een vriendschappelijke wedstrijd eigenlijk weggetikt. Al speelden wij toen wel met een heel andere ploeg.” Van Ginkel komt zaterdag een oude bekende tegen. Met Luca Caldirola speelde hij één seizoen samen bij Vitesse. „Ik kon goed met hem opschieten”, zegt Van Ginkel. „Luca is een aardige, rustige jongen, die bij Vitesse niet is doorgebroken. Maar hij kan echt wel wat. Anders ben je geen aanvoerder van Jong Italië. Ik heb hem nu twee jaar niet gezien, maar hij heeft zich ongetwijfeld verder ontwikkeld.”
Net als Van Ginkel, die niet meer dat ventje van twee jaar geleden is. „Ik hoop dat Luca dat meteen denkt als hij me ziet. Dan heb ik niet voor niets in de fitnesszaal gezeten.”